10-04-09

Mijn brief aan de Hoge Raad voor Justitie


imagesAntwerpen, 27 maart 2009

Hoge Raad voor de Justitie
Louisalaan 65 - bus 1
1050 Brussel

Geachte,

Bij deze geef ik chronologisch de feiten weer met de namen van de magistraten en uitleg.

De personen tegen wie ik klacht neerleg zijn:
procureur T., procureur V.H., procureur D. (jeugdparket Turnhout), advocaat-generaal Van I., onderzoeksrechter B., onderzoeksrechter C., onderzoeksrechter V.S., de voorzitter van raadkamer en voorzitter R. van het hof van beroep te Antwerpen.

Met de meeste hoogachting,

S. Stefaan

 


Deze zaak is heel privé begonnen op 27.12.2005.
Op die datum had ik een melding gedaan op het politiekantoor, Handelstraat te Antwerpen. De melding ging erover dat mijn ex-vriendin Maria D.C.L. mij gemeld had dat ze 2 à 3 maanden zwanger was van mij. De relatie toen was ook ongeveer 3 maanden ten einde zonder dat we nog enig contact met elkaar hadden gehad.
Vanaf dat moment wist ik direct dat er meer aan de hand was dan alleen maar de zwangerschap. (Ik ben trouwens een medium. Niet zomaar een die veel vertelt, maar eentje die desnoods ook aantoont dat wat hij vertelt waar is, zoals in deze zaak)

Op dat politiebureau had ze namelijk goede contacten met wijkagent Luc M. Deze persoon ging haar regelmatig opzoeken in het prostitutiemilieu waar ze werkte en gaf haar ook zonder problemen toegang tot informatie die ze absoluut niet zou kunnen krijgen (tips over razzia's, vetrouwelijke informatie over andere personen,...)

Omdat ik merkte dat die persoon van in het begin zich aan het moeien was met mijn zaak versus Maria (de melding die ik trouwens gedaan heb ging erover dat ze het kind ging verhandelen) heeft mijn toenmalig advocaat dit ook gemeld aan procureur V.H. van het parket te Antwerpen.

Procureur V.H. heeft toen tegen mijn advocaat gezegd dat ze direct een onderzoek ging opstarten tegen inspecteur L.M.

Later heeft mijn toenmalig advocaat dit ook per brief aan onderzoeksrechter B. bevestigd.

Een week na het gesprek met mijn toenmaiig advocaat en procureur V.H. was er ineens een klacht tegen mij van belaging omwille van een 5-tal SMS-en naar Maria. Ik had namelijk gedreigd met juridische stappen tegen haar.

Een dag nadien ben ik gaan reageren op het politiestation in de Handelstraat waarbij ze tot in het absurde misbruik van macht hebben gebruikt. Ook mocht ik niet antwoorden en werd er in het P.V. niet genoteerd zoals ik het wou maar moest het P.V. in hun versie getekend worden, wat ik absoluut weigerde.

Ik ben dan 24 uren daarna voorgeleid geweest bij onderzoeksrechter B. (089/06) die me onmiddellijk heeft vrijgelaten onder voorwaarden.

Later bleek dat er tijdens mijn aanhouding vertrouwelijke informatie was gestuurd met mijn GSM en deze was verstuurd meer dan 3 uur na afgifte van mijn persoonlijke spullen.

Ook heeft L.M. aan Interne Zaken verklaart dat de klacht van belaging tegen mij, is samenspraak met procureur V.H. gebeurde.
In diezelfde verklaring aan Interne Zaken heeft L.M. schaamteloos toegegeven dat Maria inderdaad soms informatie vroeg, zoals tips over razzia's.

Ondertussen was ik op het jeugdparket van de justitie in Turnhout bezig met een dossier voor de verrificatie van mijn zoon. Titularis van dat dossier was procureur D.
Hij heeft een verrificatie op de ID-gegevens van Maria gedaan en kwam me glimlachend vertellen dat er geen geboorte was.
Toen ik het dossier inkeek, heb ik hem onmiddellijk gefeliciteerd met zijn fantastisch onderzoek omdat hij die verrificatie aan de hand van een valse ID-kaart had gedaan.
In het dosiier van het jeugdparket van Turnhout was Maria plotseling gehuwd om tegelijkertijd ongehuwd te zijn in het dossier van onderzoeksrechter B. in Antwerpen.
Procureur D. was van mening dat zijn gebruikte ID van Maria wel de juiste ging zijn en vond het niet nodig om verder onderzoek in te stellen.
Dus met ander woorden, voor een bepaald onderzoek neemt Maria gewoon een andere ID, en daarmee is de kous af !

 

23:08 Gepost door Justice in Algemeen | Permalink | Commentaren (17) |  Facebook |

Commentaren

Dit was maar een deel van die klacht bij de hoge raad. Het gaat over de dossiers 202/06 , 089/06, 123/07 , en dossier PARK 1 allen te Antwerpen (overtreding saisine)
Het deeltje Turnhout is tegen Proc. D. wegens het gebruik van valse I.D. in het onderzoek naar mijn zoon en het niet opgraven van de reeds al aangeduide kinderlijken te Grobbedonk.Deze werden aangeduid samen met Inspec. Thijs , gerechtelijke politie Antwerpen.
Alles draait rond het beschermen van de grote namen in het dossier.

Gepost door: S. Stefaan | 13-04-09

Meer uileg over die kinderlijken.A zeggen en B verbergen isook niet alles.

Gepost door: doornroosje | 13-04-09

De rest komt eraan.

We hebben A gezegd, dus de rest van het alfabet volgt.

Gepost door: Yves | 13-04-09


Zo gemakkelijk gaat dat niet hé Yves.

Het alfabet in omgekeerde volgorde opzeggen heeft misschien zijn charme maar na de a volgt de b, dan de c, de d

Gepost door: Roodkapje | 13-04-09

'Pak me, pak me dan, als je dat kan', riep Ben de kraai, met een dikke korst kaars in zijn bek.

Het muisje was woedend en sprong in het wilde weg om de dikke korst uit de bek van Ben de kraai, te krijgen.

Maar daar had Ben de kraai juist op gerekend.

Met zijn vrienden procureur Ezel en procureur-generaal Grijze Ezel had hij een val geplaatst die in aan boom was bevestigd.

Ben de kraai vloog naar de boom toe en het muisje vloog er achter aan.

En waar kwam het muisje in terecht ?
Recht in de val natuurlijk. Zonder kaas.



De k

Gepost door: Roodkapje | 13-04-09

Doordat ik nu de dossiers niet bij de hand heb zal ik eventjes vanuit ervaring meer vertellen waar het over gaat.

De eerste melding van die kinderlijken was op 26/12/2007 via het noodnummer 101. De dag daarna , op 27/12/2007 , heeft inspecteur S. van de lokale politie Handelstraat daar een P.V. van op gesteld en deze is dan direct naar het parket gegaan.
Op hetzelfde moment had ik ongeveer dezelfde verklaring op het Parket-Generaal te Antwerpen neergelegd met het enige verschil van de verklaring op het parket ,dat ik daar op het Parket-Generaal ook een plan van locatie had bijgevoegd zodat ze direct wisten over welk domein ik het had.

Dagen , weken en maanden gingen voorbij. Niets ,geen ondervraging daarover. De lokale politie had zelfs een verbod om mij daarover aan te spreken. Ik mocht daar obsoluut niets meer over vertellen. Straffer nog , beide verklaringen waren verdwenen op beide parketten.
Ik was dus de enige dat met die verklaringen rondliep.

In de maand mei 2008 ben ik samen met gerechtsjournalist Jan Heuvelmans , 2 collega's van hem en met Vlaams parlementslid Rob van de Velde van LDD , naar dat domein geweest.
Reden daarvoor was omdat er een nieuw lichaam begraven was op dat zelfde domein waarover ik enkele maanden voordien melding had gemaakt op beide parketten te Antwerpen.
Het nieuwe lijk was van maart 2008 ,een meisje van 17 jaar.
Doordat we niets te verbergen hadden hebben we dan ook de politie gebeld van Herentals. Inspecteur V. van de lokale politie Herentals heeft ook gezien dat er iets niet klopte daar op die plaats waar we stonden , en vooral niet nadat ik hem het P.V. van 27/12/2007 heb laten zien (melding te antwerpen).
Hij heeft dan ook direct naar de procureur van Turnhout gebeld ( domein ligt in het juridisch arrondissement van Turnhout). De Procureur heeft dan gebeld naar Antwerpen door die verklaring van 27/12/2007 en Antwerpen heeft rechtstreeks naar het mobieltje gebeld van Inspecteur V. met de opdracht om onmiddelijk het domein te verlaten en ABSOLUUT GEEN VERKLARING of P.V. hierover van op te stellen.
Er is ook geen P.V. van opgesteld maar doordat de media daar aanwezig was zijn er wel mooie foto's of beeldmateriaal.

Op 15 juli ben ik naar de gerechterlijke politie gegaan , en ik heb ze daar dan ook direct gezegd dat ik dat gebouw niet ging verlaten voordat ik een minimum van 2 lijken kon aanduiden zoals in een normaal gerechterlijk onderzoek.
Inspecteur Thijs van de gerechterlijke politie begreep ook dat het niet meer normaal was en samen zijn we dan gegaan op 16 juli 2008 voor de officiele aanduidingen .
Het eerste lijk aangeduid was dat meisje van 17 jaar en het tweede is een jongtje van 5 jaar.
Beide plaatsen zijn afgespannen met politielint en Inspecteur Thijs was nu wel zeker dat het parket niet meer aan de doofpot kon meewerken.
De dag daarna Jan Heuvelmans snel nog foto's gaan maken van de afgezette plaatsen met de vrees dat het domein al afgezet ging zijn voor de opgravingen.

DE LIJKEN DIE AANGEDUID ZIJN LIGGEN ER NOG BEGRAVEN;

Gepost door: S. Stefaan | 14-04-09

Volgende week donderdag D-DAY voor sommige.
Deze dag word het dossier voor de leden van de hoge raad gelegd.
ref.nr: N/2009/4/72/HN

Gepost door: S. Stefaan | 15-04-09

VERVOLG VAN BRIEF NAAR HOGE RAAD VAN 27 MAART 2009:

Ondertussen had tuchmagistraat Ben T. op het parket te Antwerpen alles geseponeerd I.V.M. inspec. Luc M. en heeft Korpchef Eddy B. mij een brief gestuurd met de melding dat er nieuwe onderzoeksdaden waren gesteld en dat het wel allemaal O.K. zal zijn. Bij het navragen naar dat onderzoek zoals beschreven in de brief van Korpchef Eddy B. bleek dat er geen onderzoek heeft bestaan en dit tot op de dag van vandaag.

Op basis van deze feiten heb ik dan een klacht neergelegd tegen Proc. Ben T. en Proc V.H. op het parket-Generaal te Antwerpen wegens het beschermen van mensen die strafbare feiten hebben gepleegd.
Titularis van dat dossier was Advocaat-Generaal A. van I.
Natuurlijk is daar totaal geen onderzoek in gedaan en heeft hij mij altijd geweigerd om dat dossier ,PARK 1 , te mogen inkijken. Ook heeft hij die weigering op papier gezet omdat het zogezegd om een administratief onderzoek ging.

Dan heb ik maar een klacht met Burgerlijke Partijstelling neergelegd tegen Korpchef Eddy B. wegens schriftvervalsing , tegen Maria D.C.L. wegens mensenhandel , tegen Inspec. Luc M. wegens het beschermen van Maria D.C.L. en tegen de magistratuur die alles , maar dan ook alles wat ik neerlegde op het parket of politiestation zonder gevolg hadden geklaseerd.

De titularis van dat dossier , 202/06 , Was Onderzoeksrechter C.
Ik ben er zeker van dat ik jullie SAISINE niet moet uitleggen , maar onderzoeksrechter Camberlain heeft het gepresteerd om een dossier door de raadkamer te krijgen zonder ook maar 1 Onderzoeksmandaat. Er is zelfs geen uitnodiging voor een ondervragen van de aangeklaagde personen. Niets , NADA!!!

Dit heb ik heel duidelijk in 2 verzoekschriften voor verder onderzoek (art. 61 quinquies) genoteerd en laten bezorgen aan de voorzitter van de raadkamer.
In het eerste verzoekschrift heb ik ook aangetoond dat de dossiers zijn vervalst. Ik neem namelijk altijd 2 copijen van de dossiers. Eentje bij het afsluiten daarvan en eentje net voor de raadkamers. En raar maar waar , inplaats dat een dossier groeid in aantal pagina's waren er pagina's in mijn dossier verdwenen. Het positieve dat je moet betalen op de rechtbank voor een copy is dat je dat daarmee ook kunt aantonen.
Ook heb ik in het eerste verzoekschrift ( wat trouwens 71 pagina's waren) aangetoond dat Maria D.C.L. helemaal geen klacht van belaging tegen mij heeft neergelegd maar dat dat gewoon is gemaakt om mij doen te verdwijnen.
Ook heb ik aangetoond van het mogelijk bestaan van mijn zoon.
Ook heb ik aangetoond dat er valse I.D. in het gerechterlijk dossier zaten.(als er een persoon is met 2 verschillende I.D. , dan is er altijd MINIMUM eentje vals)
En vooral heb ik aangetoond dat onderzoeksrechter C. geen onderzoek heeft gedaan.

De Voorzitter van die raadkamers zag de bui al hangen denk ik , en heeft alles in de doofpot gestoken.

De K.I. had als Voorzitter de heer Rozie.
Hem heb ik voor de keuze gesteld. Of hij gaat een wonder verrichten en het strafwetboek laten naleven , of ik maak alles openbaar en zal de zaak zelf wel oplossen hoe het echt in elkaar steekt. Hij heeft duidelijk niet het strafwetboek nageleefd.


HOE DAT DE ZAAK ECHT INEEN ZIT!!!

Maria D.C.L.heeft namelijk een relatie gehad tijdens de zwangerschap met Antoine V.D.B. Deze man kennen we beter als de pooier van X-1 uit de X-dossiers onder de nickname TONY.

Tony is een vaste klant in de nachtclub de CHATDON te Grobbedonk. Hij heeft ook mijn zoon verhandelt. Door het medium zijnde heb ik gewoon zijn AURA gelezen en ben toen tot de verrassing gekomen dat de vergeten of onvindbare kinderlijken of de slachtoffers van zijn handel in Grobbedonk liggen. Deze vondst heb ik aangegeven op 27/12/2007 op het parket en het parket-Generaal. Deze 2 strafklachten waren 9 maanden lang verdwenen op beide parketten. Officieel had ik geen melding gemaakt en ze hebben mij altijd geweigerd om daar ook maar 1 verklaring over neer te leggen verder.

In de maand mei 2008 heb ik enkele mensen toegelaten op dat domein met de kinderlijken.Een Vlaams parlementslid , gerechtsjournalist Jan Heuvelmans en hij heeft een collega van hem van VTM en van VRT meegenomen.
Reden daarvan om naar dat domein te gaan was dat er een nieuw lijk was begraven.
Dat nieuwe lijk is van ongeveer maart 2008!!!
Doordat ik weet wat ik kan en omdat ik niets te verbergen heb , hebben we plichtsgetrouw de politie van Herentals gebeld om die melding te doen van dat nieuwe lijk.
De politie van Herentals is terplaatse geweest en heeft dan naar de Procureur van Turnhout gebeld voor de situatie uit te leggen en voor verdere instructies. Ik had natuurlijk de melding van kinderlijken of het P.V. daarvan laten zien.
De Procureur van Turnhout heeft toen naar Antwerpen gebeld en daarna hebben die 2 inspecteurs een telefoontje gekregen met de opdracht dat ze het domein moesten verlaten en absoluut geen verklaring of P.V. daarvan op te stellen.
Van deze ontmoeting op het domein zijn er uiteraard foto's of beeldmateriaal.

In juli 2008 ben ik dan maar naar de gerechterlijke politie gegaan op de singel in Antwerpen en ik wou het gebouw niet verlaten voor ik een minimum van 2 lijken kon aanduiden.
Heb ze dan de dag daarna kunnen aanduiden.

Het eerste lijk dat ik aangeduid heb was dat van maart 2008. Dit is een 17-jarig meisje en ze is vermoord omdat ze niet heeft gedaan wat ze haar vroegen te doen.
Het tweede kinderlijk dat ik aangeduid heb is een jongetje van 5 jaar. De reden waarom zijn lichaampje daar ligt is gewoon omdat ze zijn lichaampje beu waren. Dit lichaampje ligt er wel al meer dan 30 jaar. Dit kinderlijkje moet als bewijs dienen dat ik onmogelijk die moorden kon gepleegd hebben.

Verdere informatie heb ik gegeven ( over dat domein) in een briefvorm aan het jeugdparket van Turnhout. ( TU.45.98.50/09)

ER WORD NIETS MEE GEDAAN!!!!!!!!


Ondergetekende,
S. Stefaan
Handtekening.

Gepost door: S. Stefaan | 15-04-09

Ook is er een strafprocedure opgestart tegen de bovengenoemde magistraten op deze site.
De strafklacht is per fax verstuurd op datum van 26 maart 2009 aan de heer Ghislain Londers , Eerste Voorzitter hof van cassatie , Justitiepaleis , 1000 Brussel.

De inhoud van deze brief zal later komen maar er zijn 15 strafbare feiten direct bijgevoegd , of waar de procedure eigelijk om draait.

Tu.45.L1.006589/2009 dd. 08/04/2009

Misdaden en wanbedrijven tegen de uitwendige veiligheid van de staat
art.120, art.121 bis , art.123

Schending door openbare ambtenaren van rechten door de grondwet gewaarborgd
art.151 , art.152 , art.153 , art.155 , art.156

Valsheid in geschriften , in informatica en in telegrammen
art.193 , art.194 , art.195 , art.196 , art.197

Valsheid in reispassen , machtigingen om wapens te dragen , arbeidsboekjes , reisorders en getuigschriften
art.199bis , art.200 , art.201 , art.202 , art.205

Vals getuigenis en meineed
art.224

Misdaden en wanbedrijven tegen de openbare orde gepleegd door personen die een openbaar ambt uitoefenen of door bedienaren der erediensten in de uitoefening van hun bediening. Hoofdstuk:samenspanning van ambtenaren
art.233

Aanmatiging van macht door administratieve en rechterlijke overheden
art.237

Misbruik en gezag
art.254 , art.255 , art.256 , art.258 , art.259 , art.260

Misdaden en wanbedrijven strekkende tot het verhinderen of vernietigen van het bewijs van de burgerlijke staat van kinderen
art.363

Opzettelijk doden , opzettelijk toebrengen van lichamelijk letsel , foltering , onmenselijke behandeling en onterende behandeling
art.392

Doodslag en verschillende soorten van doodslag
art.393 , art.394 , art.396 , art.397

Opzettelijk doden , niet doodslag genoemd , en opzettelijk toebrengen van lichamelijk letsel
art.398 , art.401 , art.402

Foltering , onmenselijke behandeling en onterende behandeling
art.417bis , art.417ter , art.417quinquies

Onopzettelijk doden en onopzettelijk toebrengen van lichamelijk letsel
art.419

Enkele gevallen van schuldig verzuim
art.422bis , art.422ter

Gepost door: S. Stefaan | 15-04-09

de priveclub is de chardon. Klein schrijffoutje in de tekst.
Meer info over die club:
www.dechardon.be

Gepost door: S. Stefaan | 16-04-09

Tony
Het Nieuwsblad voerde, zoals bij Marcel Vervloesem van de Werkgroep Morkhoven, een campagne om Regina Louf volledig ongeloofwaardig te maken terwijl er zich belangrijke elementen in haar dossier bevonden en er tal van zaken waren die zo gedetailleerd en juist waren dat ze onmogelijk verzonnen konden worden.

Regina Louf werd daarbij stelselmatig een 'geesteszieke' genoemd.

Het Nieuwsblad moest met de andere kranten van de Corelio mediagroep van Thomas Leysen, de zaken rond kindermisbruik vooral in de doofpot stoppen.

-----------------------------------------

X1: ,,Onmogelijk, onwaarschijnlijk, oncontroleerbaar''

De verhalen van Regina Louf veroorzaakten bittere onenigheid bij speurders, politici, journalisten en publieke opinie


Geen van de dwaalsporen in het Dutroux-onderzoek was zo controversieel als het onderzoek naar de verklaringen van getuige X1, alias Regina Louf (35) uit De Pinte. De verhalen die X1 begin september 1996 vertelde over netwerken van hooggeplaatste kindermisbruikers veroorzaakten bittere onenigheid bij speurders, politici, journalisten en de publieke opinie. Zes maanden nadat de verklaringen van Regina Louf waren uitgelekt in de pers en de rust was teruggekeerd, maakten twee speurders die niets met de interne speurdersoorlog te maken hadden een definitieve analyse van het onderzoek. ,,Onmogelijk, onwaarschijnlijk, oncontroleerbaar'', was hun conclusie.

OP 2 juni 1998 overhandigden Willy Vandeput en Nino Alvarez, twee speurders van de Brusselse BOB, aan onderzoeksrechter Jacques Langlois van Neufchâteau de resultaten van hun elf maanden durend onderzoek naar de verklaringen van Regina Louf, alias getuige X1.

We citeren letterlijk uit de zeventien pagina's tellende conclusies: ,,We constateren dat Regina Louf gedurende het onderzoek nooit spontaan ook maar het minste concrete en onweerlegbare element heeft aangebracht dat een bewijs van welk feit dan ook kon zijn. (...). Uit verificatie, verhoor en vaststellingen ter plaatse is gebleken dat een groot deel van de feiten die door Regina Louf aangehaald worden, onmogelijk, onwaarschijnlijk en oncontroleerbaar zijn en mekaar tegenspreken. (...) We stellen ook vast dat ze zichzelf talrijke keren tegenspreekt in haar verhoren. Ze past haar verhaal aan als ze geconfronteerd wordt met het feit dat vroegere verklaringen niet kunnen kloppen. We komen dus tot de conclusie dat in de huidige stand van het onderzoek, als er geen nieuwe concrete en onweerlegbare elementen aangedragen worden, haar verklaringen over kindermoorden en pedofilienetwerken onmogelijk zijn.'' (pv 151123/98 van 2 juni 1989 uit dossier 109/96 van Neufchâteau.)

Het dossier X1, alias Regina Louf, werd op 4 september 1996 geboren op het bureau van onderzoeksrechter Jean-Marc Connerotte van Neufchâteau. Tania V., vriendin van Regina Louf, belde toen naar Neufchâteau met de melding dat haar vriendin Regina Louf een verschrikkelijk geheim had: zij was jarenlang misbruikt in een netwerk van kindermisbruikers waar onder meer ook Michel Nihoul en Marc Dutroux deel van uitmaakten.

Connerotte, die geen Nederlands spreekt, gaf de hoorn door aan de man die toen toevallig rechtover hem aan het bureau zat om verslag uit te brengen over het financieel onderzoek naar Marc Dutroux. Die man was adjudant Patrick Debaets van de Brusselse BOB van de rijkswacht, specialist in financiële onderzoeken.

Op 20/09/1996 werd Regina Louf een eerste keer verhoord door Patrick Debaets. Het 17de en laatste verhoor van getuige X1 vond plaats op 1 maart 1997. Patrick Debaets verzamelde een groep van 50 speurders rond zich die in het diepste geheim mochten speuren naar pedofiele netwerken met betrokkenheid van hooggeplaatsten. Dat adjudant Debaets dat mocht en kon, kwam doordat hij lang niet de enige was die in de herfst van 1996 onvoorwaardelijk geloofde in het getuigenis van X1 en andere anonieme getuigen die zich aandienden. Procureur Michel Bourlet van Neufchâteau was overtuigd, de toenmalige nationaal-magistraten André Vandoren en Patrick Duynslaegher ook. Kolonel Henri Berkmoes, baas van het Centraal Bureau voor Opsporingen van de rijkswacht eveneens.

Later kon Patrick Debaets rekenen op de onvoorwaardelijke steun van Marc Verwilghen, voorzitter van de commissie-Dutroux. Verwilghen en een aantal van zijn commissieleden waren er immers heilig van overtuigd dat Debaets met zijn dossier-X1 op het (goede) spoor van bescherming op hoog niveau zat.

De eerste maanden van het X1-onderzoek gonsde het van de wilde geruchten. Nog voor Kerstmis 1996 zou een hele reeks hooggeplaatste kindermisbruikers op basis van de verklaringen van Regina Louf opgepakt worden, zo klonk het. Journalisten werden door speurders aangesproken om in hun documentatie op zoek te gaan naar archieffoto's van door Regina Louf aangewezen politici en industriëlen uit de jaren tachtig. Zij die op de hoogte waren van de inhoud van het getuigenis van X1 konden zichzelf en hun hoofdredacteurs nauwelijks bedwingen om het grote verhaal uit te brengen.

Uiteindelijk gebeurde er eind '96 niets omdat de speurders geen enkel concreet bewijs vonden. Geen bewijzen dus, en in juli 1997 barstte ook nog de etterbuil binnen de 50-koppige cel. Een groot aantal speurders van de cel maar ook een aantal magistraten vond dat Debaets te weinig kritisch stond tegenover X1 en te blind geloofde wat ze zei.

In een rapport van 2 juli 1997 haalden collega-speurders van Debaets een rist tekortkomingen in het onderzoek aan. Debaets en vier van zijn getrouwen werden van het onderzoek gehaald.

Twee speurders van de Brusselse BOB die geen lid waren van de 50-koppige cel-Neufchâteau kregen op 10 juli 1997 van onderzoeksrechter Jacques Langlois opdracht het onderzoek te analyseren en verder te zetten. Hun onderzoek werd even doorkruist door de mediastorm die in januari 1998 losbarstte rond het getuigenis van X1. Want ook in de pers was de zweer eindelijk opengebarsten. Het getuigenis van X1 verscheen in De Morgen en het weekblad Telemoustique.. Die media vermoedden - net als Debaets zelf - achter diens verwijdering een doofpotoperatie en maakten de verhalen daarom openbaar.

Groot voordeel voor de nieuwe speurdersploeg was dat getuige X1 vanaf dan als nieuwbakken BV interviews bij de vleet gaf aan nationale en internationale media en dus haar anonimiteit had opgegeven. Nu konden de speurders wel ongestoord getuigen uit de omgeving van Regina Louf en familieleden ondervragen. Ze onderzochten de plaatsen die Regina Louf had aangewezen, deden huiszoekingen bij verdachten en gingen het tijdsgebruik na van door Louf aangewezen verdachten en slachtoffers. Ze herlazen ook de 17 verhoren die Debaets en de zijnen van Regina Louf afnamen en herbekeken alle video-opnames die van de verhoren gemaakt werden.

In hun eindrapport constateren ze dat het verhaal van Regina Louf evolueert met de tijd, dat ze steeds nieuwe en steeds ergere feiten beschrijft en dat ze haar inspiratie uit de actualiteit put. De speurders onderscheiden drie fases in haar getuigenis.

Eerst en vooral is er de periode voor 1989 die Louf ooit samenvatte in haar nooit uitgegeven boek ,,Levenslang''. Ze schreef dat boek toen ze twintig was. In die fase getuigt ze hoe ze tussen haar twaalfde en zestiende seksueel misbruikt werd door een zekere ,,Tony'', alias Antoine VDB, een handelsreiziger en vriend aan huis bij de familie Louf.

Louf schrijft hoe ze zwanger gemaakt werd door die ,,Tony'' en hoe hij haar sloeg tot ze een miskraam kreeg. Hij zou haar ook uitgeleend hebben.

De speurders constateren dat X1 over die feiten door de jaren heen altijd hetzelfde is blijven zeggen. ,,Verschillende getuigen bevestigen de relatie tussen Regina Louf en Tony VDB. Ook hijzelf heeft dat trouwens aan ons toegegeven'', concluderen ze.

De speurders vonden geen enkel materieel element dat een eventuele miskraam kon bevestigen. ,,Maar uit getuigenissen blijkt dat die bewering kan kloppen'', schrijven ze. De speurders vonden geen enkel element of getuigenis dat erop wijst dat Regina Louf uitgeleend werd aan anderen.

In de tweede fase, die de speurders situeren in de periode van 1989 tot aan het uitbreken van de zaak-Dutroux in 1996, is Regina Louf actief in de organisatie ,,Tegen haar Wil''. Daar helpt ze slachtoffers van seksueel misbruik. In die periode herinnert' ze zich ineens ook hoe ze vanaf haar tweede tot haar tiende levensjaar in het huis van haar grootmoeder en in een hotel in Knokke misbruikt en uitgeleend werd. Over die fase concluderen de speurders: ,,We constateren dat Regina Louf de verhalen van anderen overneemt en aan zichzelf toeschrijft. We stellen ook vast dat haar verhoren over die periode vol tegenstrijdigheden zitten. Ze past haar verhaal telkens aan als ze merkt dat een vroegere versie die ze vertelde onmogelijk is.''

De derde en belangrijkste fase in haar verhaal begint in 1996, na het uitbreken van de zaak-Dutroux. Dan pas getuigt Regina Louf over kindermoorden en pedofilienetwerken met betrokkenheid van hooggeplaatsten uit politiek en zakenwereld. Onder meer vier van haar eigen kinderen werden volgens X1 op die fuiven vermoord.

Dan pas noemt ze daders die ook in de zaak-Dutroux opduiken. Onder meer Marc Dutroux, Michel Nihoul, Annie Bouty en Bernard Weinstein.

Regina Louf zegt in die fase voor het eerst dat ze getuige was van een aantal onopgeloste moorden van begin de jaren tachtig, onder meer op de Brusselse Christine Van Hees en de Gentse Carine Dellaert. Ze bekent ook in een fax aan haar ondervrager Patrick Debaets dat zij op een sexfuif eigenhandig de Antwerpse tiener Katrien De Cuyper vermoordde.

Op foto's van verdwenen kinderen die haar worden voorgelegd, identificeert ze Loubna Benaissa, Kim en Ken Heyrman en de Nederlandse Naatje Zwaren de Zwarenstein als slachtoffers van het netwerk.

Later zou uitkomen dat Loubna vermoord werd door de geesteszieke Patrick Derochette. Naatje van Zwaren de Zwarenstein bleek helemaal niet verdwenen. De speurders hadden zich vergist toen ze die foto aan X1 toonden, zo bleek. De ouders van Christine Van Hees werden geconfronteerd met Regina Louf. Achteraf was ook hun conclusie duidelijk: Louf heeft hun dochter nooit gekend.

De parketten van Brussel (Christine Van Hees), Antwerpen (Katrien De Cuyper) en Gent (Carine Dellaert) seponeerden de verklaringen van Regina Louf uiteindelijk.

De auteurs van het eindverslag over X1 vatten het zo samen. ,,We constateren dat Regina Louf voor september '96 nooit iets over dergelijke feiten gezegd heeft. Ze heeft tijdens het hele onderzoek op geen enkel moment spontaan ook maar het minste concreet en onweerlegbaar element geleverd dat er zou kunnen op wijzen dat de daders en slachtoffers die zij noemt aanwezig zouden kunnen geweest zijn op de plaatsen en de tijdstippen die zij beschrijft. Uit verhoren en onderzoek ter plaatse blijkt dat een groot deel van de feiten die ze vertelt onmogelijk, onwaarschijnlijk, oncontroleerbaar en met elkaar in tegenspraak zijn.'' Ook een zoektocht samen met Regina Louf langsheen villa's, kastelen en maneges waar die feiten volgens haar plaatsvonden, levert niets op. De beschrijving die ze geeft van de plaatsen blijkt niet te kloppen.

Na het eindverslag van juni '98 gebeurde zo goed als niets meer in het dossier. Justitie ondernam wel nog een poging om Regina Louf medisch te laten onderzoeken, onder meer om na te gaan of ze vier keer zwanger kan geweest zijn in haar jeugd. Zijzelf heeft een dergelijk onderzoek echter altijd geweigerd. Ze heeft ook altijd geweigerd om zich door de nieuwe speurdersploeg te laten ondervragen.

5.2.2004

Gepost door: Jan B | 02-05-09

Tony VDB [i]"HOE DAT DE ZAAK ECHT INEEN ZIT!!!
Maria D.C.L.heeft namelijk een relatie gehad tijdens de zwangerschap met Antoine V.D.B. Deze man kennen we beter als de pooier van X-1 uit de X-dossiers onder de nickname TONY.
Tony is een vaste klant in de nachtclub de CHATDON te Grobbedonk."[i] schrijf je.


Beste Stefaan , eind juli 2008 ontmoette ik jou te De Pinte; je gaf toen enkele identificatiegegevens over Tony; die kwamen inzake beroep en woonplaats niet overeen met de gegevens omtrent de Tony die Regina Louf gekend heeft. Zijn er sinds dat gesprek nieuwe en frappante gegevens opgedoken die jou ervan overtuigen dat de Tony waarover jij het hebt zonder enige twijfel ook de Tony is uit de getuigenis van Regina Louf? Welke zijn die eventueel nieuwe elementen ? En hoe verklaar je dat jouw identificatiegegevens die je gaf eind juli 2008 niet overeenstemden met de werkelijke identificatiegegevens?
ps: anderzijds is het wel zo dat de Tony uit de getuigenis van Regina Louf wel contacten had in Grobbendonk. Feit is ook dat er een andere VDB A. effectief te Grobbendonk woont.

Gepost door: RufN | 20-05-09

Correctie/ter aanvulling:
[i]Feit is ook dat er een andere VDB A. effectief te Grobbendonk woont.[i] schreef ik.

ik heb die andere VDB, die te Grobbendonk woont, vandaag eens nagetrokken qua voornaam; sorry, maar deze is blijkbaar geen 'Antoine', maar wel een VDB met een andere voornaam die wel ook met een A begint.
Ik vermeld zijn voornaam hier niet voluit omdat ik het niet opportuuun vind hem hier nu te vermelden.

Gepost door: RufN | 20-05-09

SAISINE Er zijn twee soorten onderzoeken in ons rechtsysteem. Enerzijds heb je het OPSPORINGSONDERZOEK en anderzijds het GERECHTELIJK ONDERZOEK.

Het opsporingsonderzoek is het onderzoek dat wordt gevoerd door de procureur des konings, met behulp van zijn onderofficieren , in tegenstelling tot het gerechterlijk onderzoek, dat geschiedt onder leiding van de onderzoeksrechter. Het opsporingsonderzoek wordt wel terloops vermeld , maar is niet inhoudelijk uitgewerkt in het Wetboek van Strafvordering : de tekst schrijft zelfs uitdrukkelijk voor dat de procureur des Konings, telkens hij kennis krijgt van een misdaad of een wanbedrijf, het dossier overmaakt aan de onderzoeksrechter en een gerechterlijk onderzoek vordert.

Hoewel het opsporingsonderzoek het meest gebruikte scenario is in de praktijk, berust het op een louter pretoriaanse basis. Een duidelijke wettelijke basis ontbreekt. In de rechtsleer is gezocht naar wettelijke aanknopingspunten ter verantwoording van deze praktijk. Sommige funderen het op de hoedanigheid van de procureur des Konings als vervolgingsmagistraat, daar waar anderen in zijn hoedanigheid van officier van gerechtelijke politie een aanknopingspunt zien. Als vervolgingsmagistraat heeft de procureur het recht, doch niet de verplichting de onderzoeksrechter te vorderen. Alvorens hiertoe over te gaan mag de procureur een voorbereidend onderzoek voeren, om te kunnen oordelen over de opportinuteit een gerechterlijk onderzoek te vorderen en om desgevallend de onderzoeksrechter zo volledig mogelijk te kunnen inlichten. Als officier van gerechtelijke politie heeft de procureur des Konings de algemene leiding van het vooronderzoek, en hij is gerechtigd ambtshalve de onderzoeksverrichtingen te (laten) doen die niet door de wet aan de onderzoeksrechter zijn voorbehouden.

In de praktijk wordt het vooronderzoek in de grote meerderheid van de gevallen bij wijze van een eenvoudig opsporingsonderzoek gevoerd, en wordt slechts uitzonderlijk een beroep op de onderzoeksrechter gedaan. Dit geschiedt wanneer er dwangmaatregelen moeten worden getroffen, bvb. wanneer een aanhoudingsbevel of een huiszoekingsbevel moet worden verleend (de procureur des Konings is immers zelf niet bevoegd deze dwangmaatregelen te nemen), of in zeer complexe dossiers.

In tegenstelling tot het gerechtelijk onderzoek, dat gedeeltelijk tegensprekelijk is (m.n. als de verdachte zich in voorlopige hechtenis bevindt, en bij de afsluiting van het onderzoek) , is het opsporingsonderzoek volledig inquisitoir: alle onderzoeksverrichtingen geschieden buiten de aanwezigheid van de verdachte en hij heeft op geen enkel ogenblik inzage in het strafdossier. Van elke onderzoeksverrichting wordt een geschrift opgemaakt dat bij het strafdossier wordt gevoegd.

Het gerechtelijk onderzoek is het onderzoek dat wordt gevoerd onder leiding van een daartoe speciaal bevoegd onderzoeksmagistraat, de onderzoeksrechter.

Hoewel volgens de geest en de letter van het Wetboek van Strafvordering het gerechtelijk onderzoek het normale scenario van het vooronderzoek moest zijn, wordt het gerechtelijk onderzoek thans slechts uitzonderlijk gebruikt. In de praktijk wordt vooral nog een beroep gedaan op het gerechtelijk onderzoek indien dwangmaatregelen vereist zijn, of in zeer complexe zaken. Dwangmaatregelen kunnen in principe slechts door een rechter worden bevolen, vandaar de noodzaak aan een rechter in het vooronderzoek.

De onderzoeksrechter heeft een dubbele hoedanigheid: hij is tegelijkertijd rechter en officier van gerechterlijke politie. De eerste hoedanigheid stelt hem in staat de dwangmaatregelen te bevelen, de hoedanigheid van officier van gerechtelijke politie laat hem toe zelf op actieve wijze aan het onderzoek deel te nemen door het (laten) vaststellen van misdrijven. In deze laatste hoedanigheid staat de onderzoeksrechter onder het toezicht van de procureur-generaal bij het hof van beroep.

DE SAISINE VAN DE ONDERZOEKSRECHTER:

Anders dan het opsporingsonderzoek, dat aanvangt van zodra het openbaar ministerie kennis krijgt van een misdrijf, kan het gerechtelijk onderzoek slechts van start gaan van zodra de onderzoeksrechtergeadieerd is, m.a.w. van zodra de zaak bij hem aanhangig is gemaakt: rechters zijn immers passief, en kunnen niet proprio motu optreden.


De saisine van de onderzoeksrechter kan op drie wijzen geschieden:
***door een vordering tot onderzoek:
De vordering tot onderzoek is de vordering van de procureur des Konings waardoor de zaak aanhangig wordt gemaakt bij de onderzoeksrechter.
Meestal wordt de onderzoeksrechter door een schriftelijke vordering van het parket geadieerd. Dit belet niet dat de onderzoeksrechter kan geadieerd worden door een mondelinge vordering van het parket, op voorwaarde dat zij naderhand schriftelijk wordt bevestigd. De saisine kan eveneens blijken uit een gezamelijke plaatsopneming door de onderzoeksrechter en de procureur des Konings, wanneer de procureur het proces-verbaal van de afstapping heeft ondertekend.

***door de klacht met burgerlijke partijstelling van de benadeelde:
In tegenstelling tot een gewone klacht, waardoor de strafvordering niet op gang wordt gebracht en rangschikking zonder gevolg steeds mogelijk blijft, maakt de klacht met burgerlijke partijstelling de zaak aanhangig bij de onderzoeksrechter.

***uitzonderlijk: door betrapping op heterdaad:
Bij betrapping op heterdaad versmelten de bevoegdheden van onderzoeks- en vervolgingsmagistraat: de onderzoeksrechter is in dit geval geadieerd, zonder dat hij de vordering van de procureur des Konings moet afwachten.

GEVOLGEN VAN DE SAISINE:
Door de saisine wordt de zaak aanhangig gemaakt bij de onderzoeksrechter. De onderzoeksrechter kan niet weigeren te onderzoeken: hij oordeelt niet over de opportuniteit van het onderzoek, en hij is evenmin bevoegd de ontvankelijkheid of de gegrondheid van de strafvordering te beoordelen: eens de zaak bij hem aanhangig is gemaakt, is hij verplicht het onderzoek te verrichten. Dit belet niet dat, als van hem bepaalde onderzoeksverrichtingen worden gevorderd door de procureur des Konings, hij het recht heeft de uitvoering van deze verrichtingen te weigeren. Deze weigering kan echter enkel slaan op specifeke onderzoeksverrichtingen, niet op het onderzoek als dusdanig.

Eens de zaak bij de onderzoeksrechter aanhangig is gemaakt , verliest de procureur des Konings de mogelijkheid af te zien van vervolging. Hij kan wel vragen dat de onderzoeksrechter hem het strafdossier, in de loop van het gerechtelijk onderzoek, zou mededelen, en hij kan van de onderzoeksrechter specifieke onderzoeksmaatregelen vragen. De onderzoeksrechter is echter niet verplicht hieraan gevolg te geven, en kan de uitvoering van de maatregel weigeren door middel van een zgn. "strijdig bevel". Deze weigering is een jurisdictionele daad, waartegen de procureur hoger beroep kan aantekenen bij de kamer van inbeschuldiging.

De onderzoeksrechter kan niet door de procureur des Konings van de zaak worden "afgetrokken": eens hij met de zaak is belast, zet hij het onderzoek verder en is enkel de raadkamer bevoegd hem te ontlasten. Dit betekent echter niet dat er geen controle is op de onderzoeksrechter. De vordering tot onderzoek betekent immers niet dat de procureur des Konings de zaak volledig uit handen geeft: hij kan ten alle tijde mededeling vragen van het dossier.
Daarenboven kan de kamer van inbeschuldigingstelling de zaak steeds tot zich trekken, op grond van haar zgn. "evocatierecht" en kan de zaak aan de onderzoeksrechter worden onttrokken in geval van "gewettigde verdenking".

Gepost door: S. Stefaan | 13-06-09

Zo , die staat er lekker op.
De mensen die aan het kijken zijn kunnen dan even de wetgeving omtrent de SAISINE bekijken i.v.m. hun eigen dossier of met dit dossier dat staat beschreven op deze blog.
Ik weet dat er ook raadsheren aan het kijken zijn dus ... testen die materie.
Volgende stuk dat ik zal plaatsen zal gaan over het Comité P. met het verhoor dat als enige onderzoeksmandaat was verleent. Deze kwam van Onderzoeksrechter Camberlain , dossier 202/06.

Gepost door: S. Stefaan | 17-06-09

werking justitie
Klachten over werking Justitie nemen toe

De Hoge Raad voor de Justitie ontving in 2007 meer klachten over de traagheid en procedures bij het gerecht. Zo bleek een faillissement uit 1979 nog niet afgehandeld. Dat staat in het jaarverslag van de Raad, waarover de krant De Tijd bericht.

Nooit zoveel klachten
De Hoge Raad ontving het voorbije jaar 341 nieuwe klachten over de werking van justitie. De voorbije vijf jaar waren er nog nooit zo veel klachten. Het zijn vooral gewone burgers die hun beklag doen (93 pct). Nog geen 5 procent komt van de advocatuur.

Kritiek neemt toe
In zijn jaarverslag waarschuwt de Hoge Raad dat de kritiek over de traagheid van de rechtsgang en het verloop van de procedure toeneemt. Het gaat al om een op de drie klachten die vorig jaar zijn behandeld. Er zijn steeds meer klachten over de magistratuur.

Minder kandidaat-magistraten
De Hoge Raad organiseert ook de magistratenexamens en waarschuwt voor een "duidelijke daling" van het aantal kandidaten. Voorlopig lijkt het ambt van magistraat nog aantrekkelijk, maar als de dalende tendens doorzet, dringen maatregelen zich op, luidt het.

Personeelstekort
Bij de parketten worden de aanslepende personeelstekorten wel zorgwekkend. De Hoge Raad pleit voor structurele maatregelen en vooral voor het opkrikken van het imago van de parketten. (belga/tdb)

De Morgen, 28/06/08

Gepost door: ypsilon | 21-06-09

gevolgen van saisine - onderzoeksrechter ik wil zaak stuiten omdat ik veroordeeld ben voor een niet bestaande container,alias, niet bestaandse overtreding.voor de samenstelling van het dossier werd fictieve firma als titularis van de dokumenten gebruikt.zij werden niet vervolgd, en ik ga nu klacht neerleggen met burgelijke partij stelling. tot op heden dacht ik bij de duivel te biechten te gaan, waardoor ik geen moeite deed.nu pak ik het aan.

Gepost door: van de perre willy | 12-08-09

De commentaren zijn gesloten.